maandag 29 mei 2017
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Poolse Lente
Column
Gepubliceerd: 2012-04-11
door: hanneke gunsing








Ze zitten op een bankje druk met elkaar te praten. Ik versta hen niet. Zo te zien zijn het Polen. Als ik op die stralende lentedag langs hen loop, staan ze net op en gaan ze in twee groepjes uit elkaar. Voor me loopt een grote man, op de hielen gevolgd door een kleine. Wat doen ze zo in onze stad en zo ver van huis? Ik zal het niet weten.

In gedachten probeer ik te bedenken hoe het moet zijn om niet thuis van de lente te genieten, maar in een ver vreemd land, waar je droom niet is uitgekomen. En waar je elke dag een slaapplaats en eten moet zien te regelen. Ze zijn met velen en ze spreken allerlei talen: de mensen op straat.

Een tijd geleden werd ik vrolijk begroet door een man op een fiets: ‘Mooie mevrouw, mooie dag’! Daar werd ik blij van: Mijn glimlach heeft de hele dag geduurd. Ik zag hem terug op het station, het Straatnieuws verkopend. Hij roept om zich heen en geniet van Mooie Mensen, zo te zien. Ik praat met hem op het station. Hij vertelt steeds hetzelfde onduidelijke verhaal. In gebroken Engels. Laatst wachtte ik even, want hij was riep zijn groet naar een wel heel mooi meisje. We praatten wat en namen afscheid met een handdruk.

Dan is er nóg een man, die veel indruk op mij maakt: hij ziet er intelligent uit, lijkt gestudeerd te hebben. Ook hij verkoopt het Straatnieuws en ziet er altijd heel verzorgd uit. Hij groet je vriendelijk. En spreekt Engels. Hij heeft iets droevigs en hij gaat mij aan mijn hart. Gisteren stond hij bij mijn supermarkt. Ik weet dat je alleen het blad dient te kopen en niks extra’s ‘mag’ geven. Toch kocht ik het blad niet en gaf hem wel een gevulde hand. Hij keek me doordingend aan. Ik vergat dat ik mijn zonnebril op had. Hij leek even te aarzelen om de inhoud van mijn hand aan te nemen. Toen deed-ie het toch.

‘Thank you, thank you’. Maar ík ben juist dankbaar voor mijn dak-boven-mijn-hoofd en heel eigen thuis. Ik heb begrepen dat een van de ergste dingen van op straat leven is als mensen je niet groeten. Dan voel je je onzichtbaar, alsof je niet bestaat. Eigenlijk is de straat meer van hen en zijn wij maar passanten.
Op weg naar (t)huis.


hanneke



Deze column is gepubliceerd in "Ons Utrecht" als ‘Onderoppie’



Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht