maandag 24 juli 2017
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Krantenbuurman
Column
Gepubliceerd: 2012-03-21
door: hanneke gunsing








De vuilnisman riep: ‘Hey Ome Henk!’ tegen de kleine meneer met hoed, die voor me liep op straat. Ze maakten een praatje. Ik wachtte even, omdat er ik zo niet door kon. Het zag er gezellig uit.

‘Familie van u?’, vroeg ik nieuwsgierig. ‘Nee hoor, we zien elkaar altijd op straat’. En zo raakten we aan de praat. Over hoe gezellig het is om te groeten, hoeveel leuker de wereld er dan uitziet. Groeten kost niks en levert veel op. Ik ben zelf ook een overtuigd groeter. Ik groet mijn buren, de vuilnisman, zomaar iemand op straat, de buurtkapper, de uitbaters, de winkeliers. Zo leer je ook nog es iemand kennen.

De vuilnisman kent hem, omdat hij altijd in alle vroegte door de Biltstraat loopt. Hij loopt graag. En dat is op zijn leeftijd – ik schat hem ver in de zeventig- ook goed voor hem. ‘In beweging blijven!’ Hij vertelt mij waar hij heen gaat: hij haalt bij het station de gratis kranten Metro, de Spits en De Pers voor zichzelf en voor zijn buren. Buren die geen krant kunnen betalen of slecht ter been zijn. Dat vindt-ie leuk. Hij heeft zijn loopje en het is leuk voor de buren.

Nu heb ik wel eens van krantenjongens gehoord, maar van een krantenbuurman nog nooit. Hij zal er geen miljonair mee worden, in tegenstelling tot de verhalen uit Amerika over krantenjongens die wél steenrijk werden. Toch is hij op een andere manier rijk: hij lijkt erg tevreden. Zijn buren zijn vast en zeker blij met hem, stel ik me zo voor. Hij zal met hen ook vast een praatje maken, een beetje op hen letten en hun dag opvrolijken. Hij denkt zomaar, zonder dat iemand het hem vraagt, aan anderen.

Eigenlijk is hij een van die vrijwilligers, die zich totaal niet bewust zijn van hun vrijwilligerschap. Niemand heeft hem geworven, geselecteerd en begeleid. Ik zit in dat werk en denk in die termen, ziet u. Ik denk dat hij zeer verbaasd zou zijn als ik hem voor zijn vrijwilligerswerk zou prijzen. Ik zie hem regelmatig de straat doorbenen, snel lopend, op weg naar de kranten en dan terug naar zijn buurtje.

Ik ken hem nu ook. Wij zijn wat verder-affe buren. Hij maakt mij vrolijk met zijn stralende groet en glimlach van oor tot oor onder zijn hoed. Misschien heb ik zijn naam niet goed onthouden.
Maar hem wel!


hanneke



Deze column is gepubliceerd in "Ons Utrecht" als ‘Onderoppie’


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht