zaterdag 18 november 2017
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Hoerendrempels
Column
Gepubliceerd: 2015-11-14
door: Dik Binnendijk








Twee vrouwen zaten in het zonnetje op de trap naar de deuren van Bellamystraat 11 en 11 bis. Ik zeg: “Goh, dat deed ik vroeger ook. Ik heb bijna zeventien jaar op 11 bis gewoond.” “Echt?” Ze vertelden me dat zowel het boven- als benedenhuis studentenhuizen af zijn. Er wonen nu twee gezinnen. In de zomer van 1969 ben ik er komen wonen. De Bellamystraat is een zijstraat van de Weerdsingel O.Z. en ligt in de Vogelenbuurt. De straat is ongetwijfeld genoemd naar dichter Jacobus Bellamy (1757-1786), die in de Nicolaïkerk ligt begraven. De huizen hebben vier etages; twee per woonhuis. Ik woonde aan de achterkant.

De belangrijkste winkelstraat in de buurt was de Koekoekstraat. Ik herinner me een bakker, groenteman, een kleine supermarkt en twee slagers. Een van de die slagers zat op de hoek van de Bellamystraat en de Nieuwe Koekoekstraat. In de oude slagerij is nu al jaren de buurtfietsstalling gevestigd. De slager kon sappig vertellen over de buurt. Van hem hoorde ik dat - een jaar voordat ik er kwam wonen - er nog flink getippeld werd in de Bellamystraat en omgeving. De bewoners en winkeliers hadden veel overlast van de vrouwen, hun pooiers en de hoerenlopers. Onder leiding van de slager is met een aantal potige mannen de straatprostitutie uit de buurt geslagen.

Grootspraak? Geen idee, maar in 1969 werd er niet meer getippeld. Er was nog wel raamprostitutie in de Bellamystraat. Zo zat op 33-bis Rita voor de ramen. Later kwam ook haar dochter in het bedrijf. Rita was vrij mollig. Een enkele keer zag ik haar ook op straat. Meestal had ze zwart krullend haar, maar zo nu en dan was ze ook hoog blond. Schuin tegenover me waren de bedoeninkjes van tante Kitty (14-beneden) en haar zoon Siegfried (16-beneden). Zij lieten meisjes voor zich werken. Tante Kitty zei ik gedag, maar daar bleef het ook bij.

’s Avonds werd het drukker in de straat. Je zag dan mannen in hun auto’s een rondje rijden. Als ‘hun meissie’ niet vrij was, reden ze zeer snel door, een blokje om en dan zag je ze weer. Om de rijsnelheid in de straat tegen te gaan heeft de gemeente in de Bellamystraat toen twee of drie verkeersdrempels aangelegd. Wij noemden die de hoerendrempels. Die naam gebruik ik nu nog steeds.

Dik Binnendijk


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht